EERSTE BOODSCHAP

25 maart 1945

(Maria Boodschap, Palmzondag)



De Vrouwe verschijnt

Het was 25 maart 1945, het feest van Maria Boodschap. Mijn zusjes en ik zaten in de kamer rond de potkachel met elkaar te praten. Het was oorlogstijd en het was hongerwinter. Pater Frehe was die dag in de stad en kwam ons even bezoeken.1 We waren druk aan het praten toen ik plotseling getrokken werd naar de andere kamer en daar ineens een licht zag komen. Ik stond op en moest ernaar toe lopen. De muur verdween voor mijn ogen en alles wat er stond was er niet meer. Het was één zee van licht en een ijle diepte. En uit die diepte zag ik opeens een gedaante naar voren komen, een levende gedaante, een vrouwelijke figuur. Ik zag haar links omhoog van mij staan, gekleed in een lang, wit gewaad en met een gordel om, echt vrouwelijk. Zij stond met haar armen naar beneden en met de handpalmen naar buiten, naar mij toe gekeerd. Terwijl ik keek, kreeg ik zoiets eigenaardigs over mij. Ik dacht: dat moet de Heilige Maagd zijn, dat kan niet anders.


Aankondiging van de bevrijding

Dan begint ineens die figuur tegen mij te spreken; zij zegt:

“Zeg mij na. ”

Ik begin haar dus - zij spreekt heel langzaam - woord voor woord na te zeggen. Zij steekt eerst drie vingers op, daarna vier en vervolgens vijf vingers, terwijl zij tegen mij zegt:

“Die 3 is maart, die 4 april en de 5 is 5 mei. ”2


De rozenkrans en het gebed

Dan laat zij de rozenkrans zien en zegt:

“Daaraan is het te danken. Volhouden! ”

Zij wacht even en zegt dan:

“Het gebed moet verspreid worden. ”

Daarna zie ik voor mij allemaal soldaten, veel geallieerden en de Heilige Maagd wijst daarnaar. Dan neemt zij het kruisje van de rozenkrans en wijst op de beeltenis. Zij wijst dan weer naar die soldaten. Ik moet begrijpen dat het de steun moet worden voor het leven van die soldaten want die stem zegt:

“Nu gaan ze gauw naar huis, dezen. ”

En zij wijst naar die troepen.


De Vrouwe, Moeder

Mijn zusjes en pater Frehe waren om mij heen komen staan. Toen hij hoorde dat ik begon te spreken, zei hij tegen een van mijn zusjes: “Schrijf eens op wat ze zegt. ” Nadat ik een paar zinnen had nagezegd, hoorde ik hem zeggen: “Zeg, vraag eens wie dat is. ”

En dan vraag ik: “Bent U Maria? ” De gestalte glimlacht tegen mij en antwoordt:

“Zij zullen mij ‘de Vrouwe’ noemen, ‘Moeder’. ”


Het kruis

Die beeltenis gaat voorbij mijn ogen en dan kijk ik in mijn hand. Dan wordt er een kruis voor mij neergelegd en ik moet dat opnemen. Ik neem het heel langzaam op en het is zwaar.

Nadat die gestalte alles had voorgezegd, ging zij heel langzaam weer weg. Pas daarna ging ook het licht weg en zag ik ineens alles rondom mij in de kamer zoals het altijd was geweest.


1 Gedurende 50 jaar, van 1917 tot 1967, was pater J. Frehe o.p. de geestelijk leidsman en biechtvader van de zieneres.
2 Aankondiging van de bevrijding van Nederland op 5 mei 1945.

 

 

|1| |2| |3| |4| |5| |6| |7| |8| |9| |10| |11| |12| |13| |14| |15| |16| |17| |18| |19| |20| |21| |22| |23| |24| |25| |26| |27| |28| |29|
|30| |31| |32| |33| |34| |35| |36| |37| |38| |39| |40| |41| |42| |43| |44| |45| |46| |47| |48| |49| |50| |51| |52| |53| |54| 55| 56|